Commodore: 128D

De Commodore 128D verschilt alleen met de Commodore 128 door de ingebouwde 1571-diskdrive. Verder is het een geliefde machine om ergens mee naar toe te nemen daar het toetsenbord aan de onderkant kan worden vastgeklikt en er een stevig handvat aan zit.

Het onderstaande verhaal is dus hetzelfde als over de C128: Met de Commodore 128D hebben we te maken met drie volwaardige computers in één behuizing. Twee er van kunnen direkt na inschakelen zelfstandig werken, omdat voor deze een passend operating systeem is ingebouwd. Om de Z80 te kunnen gebruiken moet eerst een geschikt programma worden geladen. Er zijn feitelijk twee microprocessoren, de 8500 (6510, is daarmee volledig compatibel) en de Z80. Voor de mode C-64 is 8K operating systeem en 8K Basic, voor de C128D is er 16K operating systeem en 32K Basic. Het 128K RAM-geheugen wordt door alle modi in meer of mindere mate gebruikt. In de 64-mode is alleen Bank 0, met daarin 64K, bruikbaar. In de 128 mode en onder besturing van de Z80 zijn vier Banks van elk 64K afwisselend te gebruiken. De C-64 mode gebruikt de Basic 2.0, de C128 mode Basic 7.0. De Z80 is de CP/M mode. Commodore heeft gelijk de mogelijkheid benut om wat correcties toe te passen op de hardware om de serieele poort zo snel mogelijk te maken. Als de computer wordt opgestart met het vasthouden van een toets start de machine op in C64 mode. Je kan ook in C128 mode Go 64 intoetsen. Je kan nu bijna alle beschikbare C64 software gebruiken. Technische specificaties: CPU: 8502 (6502 compatible), 1.02 MHz voor NTSC systemen, 0.985 MHz voor PAL systemen. Er is ook een Z80 processor om CP/M programma’s te kunnen gebruiken. De kloksnelheid verdubbeld als je het 80-coloms display gebruikt (2.02 MHz for NTSC, 1.97 MHz for PAL). ROM : 48 kbytes plus 16K ROM voor het 4.0 disk operating systeem, RAM: 128 kbytes. De Commodore 128D heeft 16 kbytes extra RAM voor de 80-coloms Video Display Controller. Sommige modellen hebben 64 kbytes. Je kan deze extra memory ook gebruiken voor een betere video display. Video: VIC-II chip (40-column mode > 320×200 resolution); 8563 (80-column mode > 640×200 resolution), Z80A (4MHz) microprocessor voor CP/M, 16 kleuren, 8 sprites, Basic 7.0. Ingebouwde machinetaal monitor, CP/M versie 3.0, Composiet video, digitaal RGBI of RF output.

 
The only difference with the C128 is the built-in 1571 diskdrive, to click the keyboard underneath the machine and the possibility to carry the computer. It is the successor of the Commodore 64 and can use all software and lot of hardware of the C64 (the 8502 can be slowed down 1 MHz for the compatibility). The Commodore 128 is really three computers in one! When initially turned on, the computer comes up in its native “Commodore 128 mode”. In this mode, the sharp RGBI video output, 128k of memory, 2mhz 8502 processor, advanced BASIC 7.0, machine language monitor, and access to dozens of extra keyboard keys all become available. Commodore also took advantage of this opportunity to correct some of the hardware limitations of the VIC-20 and C64 to make the Commodore 128s serial port as fast as possible. If the computer is turned on while a CP/M operating system boot disk is in a disk drive, however, the computer will switch to its 1-4mhz Z-80 processor and run as an established business computer in “CP/M mode”. In this mode a lot of business software can be run on a Commodore home computer. If the computer is turned on with a particular key held down, the computer will use the 6510 emulation mode of the 8502 processor to boot to “Commodore 64” mode. Also you can type GO 64 (in 128 mode). In this mode the computer allmost all games and other programs written for the Commodore 64 can be run without modification.
Technical specifications: CPU: 8502 (6502/6510 compatible), 1.02 MHz for NTSC systems, 0.985 MHz for PAL systems. There is also a Z80 for running CP/M programs. The clock speed doubles when the 80-column display modes are in use (2.02 MHz for NTSC, 1.97 MHz for PAL). ROM: 48K plus 16K ROM for the extended 4.0 disk operating system. ROM: 44 kbytes(?). This is drawn from a memory map I saw, so it could well be wrong. The ROM may have been 48 kbytes, but there’s a nice 4-kbyte hole between $D000 and $E000 for memory-mapped I/O. RAM: 128 kbytes, as the name suggests (expandable to 512K in 128K increments). Banking is used to accommodate all the RAM and ROM inside the 8502’s 64 kbyte address space. According to Scott McLauchlan, the Commodore 128 had 16 kbytes of extra dedicated RAM for the 80-column Video Display Controller. Some models had 64 kbytes. You could use this extra memory for better video modes. Video: VIC-II chip (40-column mode -> 320×200 resolution); 8563 (80-column mode -> 640×200 resolution). Z80A (4MHz) microprocessor for CP/M, 16 colors, 8 sprites, Basic 7.0. Built-in machine language monitor program, CP/M version 3.0, Composite video, digital RGBI or RF output.